vrijdag 20 februari 2015

Kerndoelen en het continuum concept

Ik ben het zat, al dat gepraat over onderwijs zonder dat er ook maar wezenlijk iets verandert. In Den Haag weten ze van gekkigheid niet meer wat ze moeten verzinnen, ik wacht nu op een rekentoets Engels omdat er te grote niveauverschillen zouden zijn tussen kinderen die van de basisschool komen. Er is een nieuw platform dat iedereen het gevoel moet geven dat ze ook mee mogen praten over de kennis en vaardigheden die leerlingen in de toekomst nodig hebben, Onderwijs2032. Wat mij betreft slaat ook dit platform de plank mis en gaat het voorbij aan een vraag die eraan vooraf gaat maar waar niemand over na lijkt te denken. Wat heeft een kind nodig om zich te ontwikkelen? Wat is ontwikkeling eigenlijk en waarom ontwikkelt ieder mens zich? Zo lang we geen antwoord hebben geformuleerd op deze vragen en dit als uitgangspunt  nemen, is ieder nieuw initiatief vanuit Den Haag gedoemd te mislukken volgens mij.

Na de geboorte van onze oudste zoon voor wie niets vanzelfsprekend is, moesten wij op zoek naar een nieuw denkkader over het groot groeien van een kind. Hij groeide niet groot zoals in de boekjes stond en dat maakte ons onzeker. Via attachment parenting kwamen wij op het continuum concept van Jean Liedloff terecht.

Dit continuum concept gaf ons het vertrouwen dat ons kind instinctmatig wist wat hij nodig had en dat wij hem dit konden geven als we goed naar hem luisterden. Leren luisteren naar hem en niet naar allerlei opvoedkundige tips was iets wat we in de jaren leerden. En toen werd hij leerplichtig.....

Op het moment dat een kind een reguliere school binnen gaat, wordt er eigenlijk niet meer naar hem geluisterd. Natuurlijk zijn er kinderen die het leuk vinden om in de kring te zitten en te luisteren naar de juf maar er zijn ook een heleboel kinderen die liever spelen. En van de kinderen die het leuk vinden om elke ochtend een half uur in de kring te moeten zitten op 4 jarige leeftijd, vraag ik me nog af of ze dit zo vinden omdat ze hebben gehoord dat je dat doet als je 4 bent, dat het zitten op een stoeltje en luisteren naar anderen erbij hoort en dat je op die manier bij de groep hoort of dat ze dit echt fantastisch vinden. Mijn kinderen zagen er de lol niet van in. Natuurlijk proberen de juffen het kind te volgen maar door de groepsgrootte, de verwachtingen van ouders en verzorgers en de omgeving waarin zij de klas draaiende moet houden, is dit maar heel beperkt mogelijk. En eenmaal in groep 3 moet ieder kind leren lezen, volgens dezelfde methode en wordt er voortdurend bijgehouden hoe het met het lezen en rekenen gaat.

Ik heb dit een paar jaar aangezien maar kwam toch echt tot de conclusie dat het niet kan zijn zoals een kind zich het beste ontwikkelt.

Ik denk echt dat een kind heel goed weet wat hij nodig heeft om te ontwikkelen. In vrijheid, in een inspirerende omgeving waarin kinderen ervaringen kunnen opdoen, begeleid door liefdevolle, empathische volwassenen, dat zou wat mij betreft het uitgangspunt van goed onderwijs moeten zijn. Dat het hele onderwijs hiervoor op de schop moet, want een klaslokaal met tafeltjes en stoeltjes en 30 medeleerlingen valt wat mij betreft niet onder een inspirerende omgeving, dat is mij duidelijk. Maar het opnieuw omschrijven van kerndoelen zonder eerst te kijken naar de uitgangspunten van menselijke ontwikkeling, is wat mij betreft kansloos.

Gister haalde ik mijn kinderen op van hun democratische (niet bekostigde) school. Het was prachtig weer en ze liepen met een grote groep kinderen buiten rond, zonder jassen :) met zwaarden en schilden. Zelf hadden ze hun LARP spel vorm gegeven, onderhandeld over de rollen en de inhoud van het spel. In de auto werd er nog druk gepraat en eenmaal thuis werden er sites afgespeurd waar deze LARP wapens op staan. En dan is dit LARPen nog maar een van de vele werelden die de afgelopen anderhalf jaar, sinds ze op deze school zitten, voor ze open is gegaan! Helaas staat dit onderwerp niet in de kerndoelen, maar mijn kinderen leren er erg veel van.

vrijdag 6 februari 2015

Een droom

Laatst droomde ik. Ik zat op de middelbare school en had het overweldigende gevoel dat ik van alles moest. Ik was wezen kijken op een democratische school, zo eentje als waar mijn kinderen nu op zitten en daar zou ik het volgende schooljaar heen gaan (in mijn droom). Ik zou het huidige schooljaar op de oude school afmaken. Nog een paar maanden.

De komende week gingen we verhuizen, op donderdag en eigenlijk wilde ik daar bij zijn. Maar dat kon natuurlijk niet want ik moest naar school. Tenzij ik al op de democratische school had gezeten, dan had ik flexibel verlof kunnen opnemen of studieverlof kunnen vragen. Wat een vrijheid en eigenlijk begreep ik niet waarom ik nou nog op die oude school bleef de komende maanden, ik voelde zo duidelijk dat ik op die nieuwe school moest wezen. Daar kon ik gaan doen wat ik belangrijk vond en mijn tijd zelf indelen. Dat was wat ik wilde (en eigenlijk al zoveel mogelijk deed).

In werkelijkheid zat ik op een zelfstandig gymnasium en dat vond ik vreselijk. Ieder uur naar een andere les, ik verveelde me suf en had er een ontzettende hekel aan dat leerkrachten voor mij bepaalden wanneer ik een toets moest maken, zonder enig overleg of het ook goed uitkwam, welke boeken ik mee moest sjouwen ook al had ik ze niet nodig en al die oneindige oefeningetjes die je moest maken terwijl je het al lang wist. Ik kan me nog herinneren dat ik er iedere zomer weer intrapte, als ik de boeken voor het nieuwe schooljaar kreeg. Fantastisch, allemaal nieuwe interessante dingen om te leren. En binnen een schoolweek was het magische er al weer af, zat je oneindig te luisteren naar een geschiedenisjuf die wat in het boek stond nog eens vertelde, terwijl ik dat in de tussentijd al tig keer door had kunnen lezen. Binnen een week was het weer net zo saai als het jaar ervoor. Mazzel had ik dat ik goede cijfers haalde, in de vijfde en zesde spijbelde ik me het ongeluk. Mijn laagste cijfer was voor Nederlands, want ik kon echt niet schrijven volgens de leraar. En bedankt. Of kwam dat omdat ik er een keer iets van zei toen hij besloot een proefwerk te geven over twee dagen terwijl me dat echt niet uitkwam en ik daar iets van zei? Op vrijdagen, zeker als het mooi weer was, spijbelde ik vaak, dan was ik er klaar mee. Kortom, ik had het graag zelf in de hand gehad, mijn eigen ontwikkeling.

Overdag beredeneer ik me soms suf over het onderwijs en maak ik me zorgen over de ontwikkeling van mijn kinderen. Doen we er wel goed aan ze zelf hun ontwikkeling vorm te laten geven, nemen ze het ons straks niet kwalijk dat we ze niet naar een gewone school hebben gestuurd?

Fijn dat zo'n droom me in een keer kan laten invoelen dat we op de goede weg zijn, dat dit ook is wat ik als kind had gewild. Natuurlijk is ieder kind anders maar hierin zijn we toch redelijk uniform in dit gezin, in vrijheid ontwikkelen wij ons!







 

Mariposa

Ik ben onze oudste zoon zeer dankbaar dat hij een ware uitdaging voor ons was toen hij nog klein was. Dankzij hem moest ik mezelf opnieuw uitvinden en de enige sluitende omschrijving van hem was "niets is vanzelfsprekend". In het bos wandelde hij nooit over de paadjes, in de winter wilde  hij geen muts of wanten aan, hij weigerde naar school te gaan toen hij vier jaar was, hij speelde niet met speelgoed maar ruimde iedere dag alle keukenkastjes en de koelkast uit, hij liep over het aanrecht en klom overal in, hij wilde niets zelf doen van wat nou wel handig was zelf te doen maar wilde wel alles zelf bepalen en toen zijn broertje op een nacht geboren was, besloot hij nooit meer te gaan slapen want er zou er toch zo maar nog eentje kunnen komen als je even niet op let.

Hij keek dwars door mij heen en verdeelde mensen over twee categorieën, met een dik vel (dan kon hij hun gedachten niet lezen) en met een dun vel. Tja, daar sta je dan als ouder, met al je goede gedrag en moet je iedere dag jezelf opnieuw uitvinden. Al mijn oneigenlijke gedachten werden getackled, ik moest vooral niet iets willen omdat ik dacht dat het van me verwacht werd want dan had hij het meteen door. En daar deed hij dus niet aan mee!

Op blote voeten mee de honden uitlaten, als peutertje in hartje winter zonder muts voorop de fiets mee naar het dorp en in een winkel bleef hij heus niet bij me. Regelmatig werd hij door anderen teruggebracht, een engeltje met blauwe ogen en pijpenkrullen die zijn moeder kwijt was. Hij was mij helemaal niet kwijt en dat wist ik ook maar dat wisten al die andere goedbedoelende mensen niet.

Soms schreef ik helende verhalen voor hem in de hoop hem de wereld te kunnen uitleggen of het leven iets makkelijker te maken voor mezelf. Of ze echt effect hadden, ik heb zo mijn twijfels maar het is wel leuk om ze na te lezen. Eigenlijk snapte hij de wereld op zijn manier heel goed, hij was alleen niet van plan zich zo maar erin te voegen.

Hieronder de start van een verhaal dat ik nooit afmaakte maar dat misschien wel af is want onze zoon geniet nu van de wereld die hij zelf mag ontdekken, met liefdevolle ondersteuning van de mensen om hem heen.


 
Mariposa

Er was eens een heel mooie vlinder. Mariposa was haar naam. Mariposa wilde ontzettend graag net als alle andere vlinders zijn. Ze wilde met alle andere vlinders op de bloemen van de vlinderbloemstruik zitten. Ze wilde samen rondjes fladderen om de struik in de schemering van de dag.

Maar hoe hard ze het ook probeerde, ze kon het niet. Ze voelde zich altijd weer aangetrokken tot een mooie bloem die door geen andere vlinder gezien werd. Of ze vond de lucht zo mooi dat ze vergat om samen met de andere vlinders om de struik te fladderen. Dan vloog ze naar die mooie lucht toe.

Ze vond het eigenlijk wel heerlijk om de dingen op haar eigen manier te doen. Maar soms voelde ze zich wel eens alleen, zonder een andere vlinder om al die mooie dingen mee te delen.

Op een mooie lenteavond was Mariposa weer omhoog de lucht in gevlogen, op weg naar de mooie kleuren die ze daar zag.
 

zondag 18 januari 2015

Aan de Nederlandse overheid

Nederlandse overheid,

Ik heb ergens moeite mee. Wij zijn verplicht onze kinderen naar school te laten gaan, ze thuis houden is strafbaar of kan alleen na een heleboel gedoe met de leerplichtambtenaar. Wij hebben echt geprobeerd onze kinderen naar een reguliere school te laten gaan, jarenlang, veel te lang.

Ondersteunende therapieën, vele drama's thuis, iedere vakantie op de tweede helft ontploffende kinderen want de school begon weer bijna, elke ochtend een inschatting moeten maken of de buikpijn/hoofdpijn/duizeligheid zo ernstig was dat er niet naar school gegaan kon worden, onszelf binnenstebuiten kerend over waarom onze kinderen toch niet naar een school konden waar de rest van alle kinderen uit de buurt gewoon iedere dag heen gingen, vele gesprekken op school, afspraken bij de schoolarts.

Ze vonden niets meer leuk, de oudste leek wel stoned de hele dag, de middelste zat tegen het plafond van woede en de derde wist zeker dat hij helemaal niets kon omdat hij het op school allemaal niet kon bijhouden. Thuis waren we eigenlijk alleen maar aan bezig met het oplappen van onze kinderen. Dat sloeg eigenlijk nergens meer op. En toen gooiden we de knop om, klaar waren we ermee.

Inmiddels zitten onze drie kinderen op een niet bekostigde school. Een school die niet perfect functioneert maar waar onze kinderen het wel goed hebben. Waar ze de meeste ochtenden toch wel naar toe willen en waar ik ze vrolijk van op haal. Waar ze zichzelf mogen zijn en mogen doen waar zij zo naar hunkerden, namelijk contact hebben met kinderen en mensen met wie zij het goed kunnen vinden. Ruzies worden uitgepraat, er is ruimte om kinderen te mijden waar je het niet mee kunt vinden en tijd om te praten met mensen met wie je wilt praten. Je kunt rondrennen als je daar behoefte aan hebt en je leert luisteren naar jezelf en anderen. Je mag er zijn wie je bent of daar naar op zoek gaan.

Niet met 30 leeftijdsgenoten en een juf in een klaslokaal aan je eigen tafeltje, in de juiste werkhouding, werken aan je eigen werk maar met 150 studenten en een aantal stafleden in een groot schoolgebouw met een grote buitenruimte samen de dag doorbrengen.

Mijn kinderen zijn weer nieuwsgierig geworden, ze willen weer weten hoe iets werkt, ze zijn vrolijk en aanwezig. Thuis spelen ze met elkaar, ze overleggen, ze maken ruzie, ze zijn gewoon weer kinderen. Ze zijn dan wel hoogbegaafd (in de meerderheid) of hebben een achterstand in hun ontwikkeling (in de minderheid), maar ze zijn ook weer gewoon kinderen in ontwikkeling.

Wat ik nu niet begrijp is dat een overheid die mij verplicht mijn kinderen naar een school te laten gaan (want van mij hadden ze best thuis mogen zijn, thuisonderwijs zou wat mij betreft prima zijn), deze zelfde school niet wil vergoeden. De gemeente wil onze reiskosten niet betalen want ook in onze gemeente is bijzonder onderwijs, namelijk een montessori. Dat een montessori toch wel weer iets anders is dan een democratische school en dit voor onze kinderen een wereld van verschil is, tja.

Naast die reiskosten betalen we ons blauw aan het schoolgeld terwijl eigenlijk ieder kind in Nederland een onderwijsbudget heeft. Waarom kan ik dat budget niet gebruiken om het schoolgeld te betalen van de school, goedgekeurd door de onderwijsinspectie, waar mijn kinderen op hun plek zijn? Zonder dat de school weer aan allemaal extra regels moet gaan voldoen, maar gewoon afgaand op de positieve beoordeling van de onderwijsinspectie, de wens van ons als ouders en de keuze van onze kinderen om daar heen te willen. Kan dat? Gewoon omdat onze kinderen ook kinderen van Nederland zijn, net als alle andere kinderen?

donderdag 11 december 2014

Ouder en school

Op de democratische school van mijn kinderen zijn op dit moment allerlei gesprekken gaande over de rol van de ouders op de school. Ik volg die gesprekken vanaf de zijlijn. Ze gaan over formele structuren om ook de stem van de ouders een plek te geven in de school. Een goede ontwikkeling om ouders een formeel plekje te laten krijgen in de democratie van een steeds groter wordende school.

Toch denk (en hoop) ik dat de daadwerkelijke revolutie in de school zich op een ander vlak zal gaan afspelen. Ik denk dat die revolutie een ommezwaai zal zijn naar een daadwerkelijke verbinding op zielsniveau. Dat klinkt mooi toch?!

Wat ik er onder andere mee bedoel is dat ik zie dat kinderen het nodig hebben dat hun ouders een band aangaan met de stafleden om met deze zelfde stafleden ook een band aan te kunnen gaan. Dit geldt in ieder geval voor de jongere kinderen, hoewel ik me kan voorstellen dat ook de oudere studenten deze verbinding nodig hebben om zich volledig te kunnen ontwikkelen.

Voor mijn kinderen is het belangrijk dat ik mij verbind met de mensen die zij dagelijks ontmoeten zodat school en thuis voor hen een geheel wordt. Ouders buiten de school houden, zoals door sommigen (ook ouders!) wordt geroepen, doet voor mijn kinderen en mij geen recht aan ons samenleven.

Die verbinding gaat verder dan een formeel gesprek over leerdoelen of functioneren. Het is een verbinding die ik continue bestendig, niet in daden maar in wat ik uitdraag. Iets ongrijpbaars, ondefinieerbaars, dat er gewoon is (of niet is). En ik, of eigenlijk mijn kinderen heb(ben) het nodig van stafleden dat zij deze verbinding ook bestendigen. Gelukkig gebeurt dat, in ieder geval met de stafleden met wie ik en mijn kinderen te maken hebben!

En dat is voor mij eigenlijk de essentie van de rol van ouders in de school, dat ik er mag zijn om verbinding te maken en ook weer mag gaan zodat mijn kinderen op die verbinding voort kunnen varen tijdens hun reis door het leven op de Ruimte.
 

dinsdag 28 oktober 2014

In de stilte

...hoor je alles. Dat is de prachtige titel van een boek van Piek Stor over communicatie met dieren. En dat je in de stilte alles hoort, heeft Qiujun, ons jongste mensenkind, mij geleerd.

Qiujun heeft vanaf dat wij hem kennen moeite om zich in taal uit te drukken. Toen hij drie jaar was en wij hem voor het eerst ontmoetten, sprak hij geen Chinees. Hij leek het wel te verstaan maar reageerde niet. Hij maakte trouwens wel geluiden, op de veilige hotelkamer. Eenmaal in Nederland duurde het heel lang voor er wat verstaanbare klanken kwamen en de eerste drie woord zin kwam uit zijn mond toen hij bijna 5 was. Omdat we inmiddels het logopedische circuit in waren gegaan, wisten we van het bestaan van een drie woord zin en het belang daarvan in de ontwikkeling van een kind. Een zin die uit drie woorden bestond! Daarna duurde het weer maanden voor de volgende drie woord zin geproduceerd werd maar dat drukte de pret niet, hij kon het!

Ondertussen is Qiujun een zeer communicatief jongetje die zich graag wentelt in sociale contacten. Hoe moeilijk moet het dan zijn als je niet in woorden kunt uitdrukken wat je wilt, niet kunt zeggen wat je wilt zeggen. Want dat is nou eenmaal wel de makkelijkste manier om met mensen te communiceren. Dat hij zelf heel sterk is in non verbale communicatie en zijn intuïtie zeer goed ontwikkeld heeft, is ontzettend fijn maar de buitenwereld begrijpt hem niet altijd.



Gelukkig groeit hij op in een zeer levendig gezin waarin hij zeer goed kan oefenen met communiceren. Tegelijkertijd hebben wij ook automatisch en onbewust de stap genomen om hem te leren begrijpen. We hebben leren luisteren naar zijn ziel en hem geholpen met zijn communicatie met de buitenwereld. Terwijl de heren hier thuis niet altijd even vreedzaam samen leven, staat zij buitenshuis als een blok voor hun kleine broertje. Ze helpen hem de vertaling te maken van alles wat er in zijn hoofd omgaat naar de woorden die andere mensen kunnen begrijpen. Zelf begint hij ook stapjes te maken om buitenshuis steeds meer te durven praten. Op school kan hij daar heel veel mee oefenen maar kiest hij ook nog wel eieren voor zijn geld en houdt hij zijn mond als het te ingewikkeld wordt.

Ons kind zo te zien worstelen met verbale communicatie, is heel moeilijk. Wat zou ik het graag willen dat zinnen hem aangewaaid kwamen, dat hij in zijn hoofd de woorden zou kunnen vinden die hij wil uitspreken, dat hij de structuur van de taal feilloos aanvoelt, dat hij teksten van liedjes  kan onthouden. Een voorbeeld van dat laatste, hij onthoudt wel de strekking maar niet de woorden: "Vader Jacob, slaapt gij nog" werd op die manier "Opa Jan, in je bed".

Wij hebben geleerd om heel goed te luisteren naar hem. Als Qiujun aan tafel gaat praten, komt er rust en weten zijn broers ook dat ze moeten wachten tot hij uitgepraat is, tot hij al zijn woorden heeft gevonden. Zeker niet altijd makkelijk, ook omdat Qiujun nog de leeftijd heeft om midden in een gesprek een totaal ander gesprek te gaan houden. Niet totaal anders, want ergens legde hij de associatie met dat wat hij vertelt maar het bestaande gesprek stopt daardoor wel. Zijn broers zijn verbaal zeer begaafd, hoewel Siem als echte beelddenker wel moeite heeft zijn beelden in begrijpelijke zinnen om te zetten. Maar woorden vinden in zijn hoofd, dat kan hij wel en Qiujun niet altijd.

Ik ben Qiujun heel dankbaar dat we van hem hebben geleerd om in de stilte alles te horen. Tegelijkertijd gun ik het hem van harte om alle woorden en zinnen in zijn hoofd te kunnen vinden die hij wil vinden, om alles te kunnen zeggen wat hij wil zeggen. Want er zit zoveel moois in dat prachtige koppie van hem! Tot die tijd en ook daarna luisteren wij heel goed .....

 

maandag 1 september 2014

Op zoek naar verbinding

Afgelopen woensdag, terwijl de Leusdense scholen nog niet begonnen waren en mijn kinderen hun vaste vrije woensdag van hun school hadden, ging ik met Siem en Qiujun even bij het bouwdorp hier om de hoek kijken. Vriendjes van Qiujun deden mee en ook een paar oud-klasgenoten van Siem. En daar, toen we stonden te kijken naar al die bezige kinderen, viel het verleden over ons heen.

Een aantal jaren geleden wilde Siem ook mee doen met het bouwdorp, net als Tijmen dat deed. Hij wilde graag in een groepje met een paar meisjes uit zijn klas. Bij de jongens zaten een aantal voor Siem heel onveilige kinderen dus dat durfde hij echt niet. Ik mailde de moeders en kreeg als antwoord, nee dat kan niet want ze hebben al een groepje en daar mag niemand meer bij, hebben wij als moeders afgesproken. Heel makkelijk antwoord voor hen en bij ons stortte de wereld van Siem nog even iets verder in. Hij kon niet mee doen met de meisjes uit zijn klas, met wie hij nog wel enig contact had. Uiteindelijk timmerde hij een paar dagen met het groepje van Tijmen mee, maar had veel te veel last van het geluid op het bouwdorp (200 kinderen op een parkeerplaats van asfalt die spijkers in hout slaan) en de lol was eraf. Het groepje meisjes met wie hij niet mee mocht doen, kreeg onderling ruzie.

Terwijl deze gebeurtenis uit het verleden over Siem en mij heen viel, had Qiujun het heerlijk met zijn vriendjes uit zijn oude klas. Hij mocht ook even zagen, sloeg een paar spijkers, ging even mee naar binnen om daar te kijken, een warm bad. Zo kan het dus ook.

Jarenlang hebben wij met een zeer verdrietig jongetje hier in huis geleefd. Ondanks al onze pogingen om buiten school om leuke dingen te gaan doen en op school te praten over zijn ervaringen, viel Siem steeds verder naar beneden. Hij stond alleen op het schoolplein want de jongens voetbalden en de meisjes wilden niet meer met jongens spelen, ook al had deze jongen lang haar. Voetballen was veel te link voor Siem, hij kreeg de bal hard tegen zich aan en de jongens hadden (nog) niet genoeg invoelingsvermogen om rekening te houden met een wat mindere speler.

Als ik er nu aan denk hoe vaak hij alleen moet hebben gestaan op het schoolplein, dan bloed mijn hart. Maar nee zeiden ze op school, hij huppelt wel eens en hij lacht ook wel. Zo slecht heeft hij het hier niet op school. Fijn dat hij af en toe een huppeltje maakte, maar in zijn hart was hij zeer eenzaam. Hij had bijna geen enkele verbinding met andere kinderen. De kinderen met wie hij af en toe een klik maakte, waren hem zeer dierbaar en op een halve hand te tellen. Die beschouwde hij als zijn beste vrienden. Tijdens zijn laatste schooljaar mocht hij op één kinderfeestje komen, wat hij totaal niet had verwacht. Zijn hoogtepunt van dat jaar!

Een groot probleem in zijn oude klas was denk ik de onveiligheid die ontstond door onverwacht agressief gedrag van een aantal kinderen in combinatie met een groep zeer drukke jongetjes en een paar felle meisjes. De kinderen die Siem nabij waren, moesten ook hun hoofd boven water zien te houden net als eigenlijk alle kinderen in de klas. In een zo onveilige klas is iedereen bezig zijn hachje te redden. En Siem ging daar aan onderdoor. Die werd echt depressief; hij ging met heel veel moeite naar school (en heel vaak bleef hij thuis), hij wilde alleen nog maar televisie kijken, hij speelde niet, hij wilde wel heel veel speelgoed hebben, hij maakte heel veel ruzie met zijn broers en met ons en schoot voortdurend om niets tegen het plafond. "Ik ben ook een rotkind, ik kan maar beter dood zijn" was een veel gebruikte zin. Hij maakte scenes op zeer ongelegen momenten om niets, hij zocht alle grenzen op. En hij was pas vijf, zes, zeven, acht, negen jaar oud. En wij vroegen ons af hoe we hem in godsnaam groot moesten laten groeien, onze grenzen waren wel zo'n beetje bereikt. En dan praten we over dit jongetje:

En ik vraag me nog steeds af of dat niet anders had gekund. Of een school, klasgenoten en de ouders van klasgenoten niet ook een stap kunnen maken om voor kinderen zoals Siem (want hij is gegarandeerd niet de enige!) het leven een klein beetje mooier te maken? Ze zijn nog zo jong, de wereld zou nog aan hun voeten moeten liggen.

 Hoewel ik nog altijd denk dat het zo ongelukkig worden van een kind de medeverantwoordelijkheid is van de gemeenschap waar het kind deel aan neemt, hebben wij als ouders onze eigen verantwoordelijkheid genomen. Vorige zomer besloten wij dat Siem thuis zou blijven tot wij een goede plek voor hem gevonden hadden. Die goede plek kwam sneller dan verwacht, hij mocht samen met Tijmen gaan proefdraaien op de Ruimte. Hij mocht gaan helen. Want echt, wij deden er thuis alles aan om hem te helpen helen maar voor Siem moest dat nou juist ook in de buitenwereld gebeuren.

Ik zie hem nu op de Ruimte, een lief sociaal wezen, die met iedereen verbinding maakt die daarvoor open staat (tenzij hij kinderen als onveilig ervaart, dat is nog een te grote stap voor hem nu). Een gevoelige vlinder, flower power, die er mag zijn zoals hij is.

Een snel gegroeide school waar ook kinderen binnen komen met onveilig gedrag. Een school waar het verbinding maken met jezelf, met het leven, met andere mensen en levende wezens voorop staat. Een school waar je "de hele dag mag doen wat je zelf wilt". Zou verbinding het sleutelwoord zijn?